© Van Tilt

© Van Tilt

Waarom schreef ik dit boek?

Als neurowetenschapper en toegepast neuropsycholoog ben ik gefascineerd door de tiener. Die dertienjarige, die vijftienjarige en die zeventienjarige: nog in de groei, zoekend naar een plek in het leven. Het product van hersenfuncties en hormonen, gestimu- leerd, beschermd maar soms ook beperkt door hun ouders —‘Lief, maar zoooo ouderwets’ —, ge xeerd door kortetermijnbevrediging en intussen in staat om een prachtig gedicht te schrijven of het programma voor een zeer bruikbare app.

In de tiener komen hersenen, beleving, gedrag, ontwikkeling, stoornissen, welbevinden en cognitief functioneren bij elkaar. Ik kijk met plezier naar mijn eigen tienertijd en naar mijn school en leraren die me uiteindelijk veel support hebben gegeven. Dat wens ik andere tieners en hun ouders en leraren ook toe. Ik heb het boek geschreven omdat ik de overtuiging heb dat er veel meer weten- schappelijke kennis en inzichten beschikbaar zijn dan er nu wor- den gebruikt. En mijn indruk is dat dit vooral komt omdat er een grote spraakverwarring bestaat. Er is een woest stromende rivier tussen de landen van de wetenschap en de gebieden van onderwijs en opvoeding. Maar ook binnen die landen en gebieden bestaan veel talen en dialecten. Het is voor mij dan ook een uitdaging om te proberen een dialoog tot stand te brengen, en voor elkaar te krijgen dat ouders, leraren en andere volwassenen zich daardoor nog meer bewust worden van hun grote belang voor de ontplooiing van de tiener. Mijn hoop is dat dit boek daaraan een bijdrage kan leveren.

Over mijn achtergrond

Sinds begin jaren tachtig ben ik klinisch neuropsycholoog en neurowetenschapper. Ik heb twee universitaire studies afgerond: in de neurochemie (de biochemie van de hersenen) en in de psy- chologie (specialisaties cognitieve psychologie en neuropsycho- logie). Sinds mijn promotie op ‘de samenhang van hersenen en gedrag’ in 1980 ben ik neurowetenschapper gebleven. Daarnaast heb ik me ontwikkeld tot praktijkspecialist: ik ben ook BIG-gere- gistreerd klinisch neuropsycholoog geworden en GZ-psycholoog. Vandaar mijn interesse in ‘de persoon in zijn context’: een patiënt met diens klachten en/of cognitieve stoornissen kan alleen goed beoordeeld worden als je diens achtergronden, persoonlijke bio- gra e en leefomgeving meeneemt in je overwegingen.

Mijn specialiteit is sinds de jaren tachtig het leren en het geheugen, en sinds ongeveer 1995 houd ik mij naast mijn werk op het gebied van de cognitieve veroudering ook intensief bezig met het domein van cognitieve ontwikkeling, leren en het brein. Van 2002 tot 2006 was ik voorzitter van de commissie Hersenen & Leren van NWO en van 2010 tot en met 2016 coördinator van het landelijk koepelprogramma Leren van het Nationaal Initiatief Hersenen en Cognitie van NWO (zie hoofdstuk 30 en de verant- woording). Ik ben pleitbezorger van een sterke dialoog tussen wetenschap en praktijk en van het in het onderwijs toepassen van kennis over het brein en leren. Sinds 2013 doe ik dat als universi- teitshoogleraar bij de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam.

Centrum Brein & Leren Amsterdam

Met mijn onderzoeksgroep en onze groep van klinisch werkende neuropsychologen heb ik me sinds de jaren tachtig gericht op neuropsychologische ontwikkeling en veroudering. Daarin gaat het vooral om vaardigheden zoals leren, geheugen en doelgericht handelen. Vanaf mijn promotie ben ik geïnteresseerd geweest in wat we nu de executieve functies noemen. Toentertijd werd nog simpelweg gezegd: ‘de frontale functies’.

Onze interesse betrof de functies en vaardigheden maar ook de manier waarop mensen leren of zich dingen herinneren, wel of niet afgeleid worden en strategieën gebruiken. Op het gebied van de ontwikkeling van jeugdigen hebben we (mijn promovendi en vele andere medewerkers) ons beziggehouden met kinderen, tieners en jongvolwassenen. In dit onderzoek ging het om jonge- ren die zich normaal of succesvol ontwikkelen, maar we hebben ons ook veel gericht op jeugdigen met een leerprobleem of ADHD. Bij volwassenen en ouderen hebben we veel nadruk gelegd op het normaal dan wel succesvol cognitief verouderen, en op de ziekte van Alzheimer en verwante ziekten.

In al ons werk gaan we uit van het standpunt dat biologische factoren evenzeer belangrijk zijn als psychologische en sociale factoren. Die samenhang boeit ons. Ze geeft namelijk een moge- lijke verklaring voor de grote verschillen die er kunnen bestaan tussen individuele mensen, terwijl er toch ook zeer veel dingen zijn waarin ze overeenkomen. Een uitgebreider overzicht van ons werk is te vinden op www.jellejolles.nl.

Momenteel ligt de kern van mijn aandacht en die van het team van collegae en medewerkers op toegepast onderzoek in de onder- wijspraktijk en op het bevorderen van de dialoog: het bijdragen aan de uitwisseling tussen fundamentele en toegepaste weten- schappers, praktijkprofessionals, maatschappelijke organisaties en de overheid. Doel is om het onderwijs, maar ook de gezond- heidszorg te laten pro teren van de grote inzichten die de laatste jaren zijn verkregen over ons brein, over de hersenen en hersen- functies, en over de neuropsychologische vaardigheden in relatie tot de omgeving.

Kijk voor meer informatie op www.jellejolles.nl of klik hier voor het CV.